close
  • maandag 19 augustus
Vakantie en reizen

“Iedereen rijdt hier als een wildeman”

“Iedereen rijdt hier als een wildeman”

Jeanette Slagt besloot om op 53-jarige leeftijd opnieuw te beginnen als digitale nomade. Hierdoor heeft ze een compleet nieuwe manier van gepensioneerd leven neergezet.

In 2015 heeft ze vrijwel alles verkocht wat ze bezat. Ze was werkeloos, had een start gemaakt met een eigen bedrijf, maar helaas lukte het concept niet in Nederland. Ze besloot om ‘tering naar de nering’ te zetten: oftewel haar uitgaven af te stemmen op haar inkomsten. En waar kon ze dat beter doen dan in een land waar het levensonderhoud goedkoop is? Dus boekte ze een ticket naar de Filipijnen en verhuisde.

Jeanette gaat regelmatig een bijdrage leveren als schrijfster voor 50+. Geniet mee van haar avonturen en haar kijk op het leven na je vijftigste. Vorige week kon je lezen hoe ze in Mexico wel kon wennen aan bepaalde gewoontes daar!

Naar het museum met de bus

In Mexico verplaats ik me via openbaar vervoer, of ik wandel. Ik probeer elke dag minstens 15.000 stappen te lopen, gewoon omdat het gezond is. Maar voor de rest de bus. Het huis staat in een buitenwijk en er gaat maar één bus naar toe. Die bus heet R2. Maar er zijn tientallen R2 bussen, je moet op de voorruit van de bus lezen welke bestemmingen hij aandoet. Dat is een hele lijst met namen en jouw bestemming of iets dicht bij die plek moet daar bij staan. Anders eindig je ergens waar je niet wilt zijn.

Zoals laatst, niet goed gekeken en dus de verkeerde R2. Ik snapte niets van de route en was hopeloos verdwaald. Uiteindelijk moest ik drie keer overstappen voor ik weer in een juiste bus op weg naar huis zat. Overstappen betekent ook dat je opnieuw de bus betaalt. Want elke keer als je een bus in gaat betaal je 12 pesos. Ongeacht de afstand die je aflegt in die bus. Dus een halte is net zo duur als van het begin naar het eindpunt rijden. Omgerekend is het 55 eurocent per ritje.

Neem je de kleine mini vans, dan ben je 2 pesos goedkoper uit, maar die vind ik zo oncomfortabel en ze zitten soms zo vol gepropt dat is mij het prijsverschil niet waard. Iedereen rijdt hier als een wildeman, je komt soms los van je stoel als de chauffeur over een verkeersdrempel sjeest. En aangezien de bussen oud zijn rammelt en piept alles. Maar het is redelijk netjes in de bussen, heel anders dan in de Filipijnen waar je rustig tussen de kippen en emmers stinkende vis zat.

Op sommige dagen stapt er iemand in met een gitaar, die zingt dan wat liedjes, of iemand stapt in om het evangelie te verkondigen, en heel soms mensen die om geld vragen. Wat mij opvalt is dat ze mij vaak negeren. Ook anders dan in de Filipijnen, waar schaamteloos naar blanken gekeken wordt om financiële problemen op te lossen en bedelaars soms zo lang naast je blijven staan staren met uitgestrekte hand, dat het ongemakkelijk wordt.

Terwijl ik naar het Maya Museum rijdt in de Hotel Zone wordt het evangelie aan mij uitgelegd. Met luide stem schreeuwt de boodschapper van God boven de rammelende bus uit dat Jezus de enige weg naar vrijheid en geluk is. Aan het einde van zijn verhaal gaat hij wel met de pet rond, dus blijkbaar helpt geld ook wel in die hang naar vrijheid en geluk. Voor het rondgaan met de pet bidt hij tot God om die mensen die geld geven te zegenen en die mensen die geen geld geven niet te zegenen, maar het inzicht te geven dat het goed is om te geven.

Mexico is wel het land van kleingeld merk ik, je geeft de inpak-meneer of -mevrouw (meestal senioren die je boodschappen in plastic tasjes doen) in de supermarkt een fooi, overal in restaurants geef je minstens 10% fooi en dan heb je de mensen in de bus die om geld vragen en heel soms op straat. Regelmatig heb ik een kasverschil in mijn budget door al dat rondstrooien van kleingeld.

Ik stap uit bij het museum. Een prachtig gebouw midden in de toeristische drukte van wat ze hier de Hotel Zone noemen. Een landtong waar alle hotels en uitgaansgelegenheden op staan. Een grote brede vierbaans weg er naar toe  en er overheen in directe verbinding met de luchthaven die helemaal aan het einde ligt. Als toerist hoef je dus helemaal de stad niet in. Ik zorg ook best vaak voor verwarring als ik na de hotelzone nog in de bus zit. Mensen denken dan dat ik verdwaald ben en mijn hotel niet meer kan vinden.

Het museum is koel, en heel licht. Er is een tentoonstelling van archeologische vondsten, potten, schalen en andere gebruiksvoorwerpen uit de Maya tijd. En er is een buitengedeelte waar restanten van huizen en een tempel staan.

De fotoexpositie over de vrijheidsstrijders in de grote oorlog van Yucatan is erg indrukwekkend, en als ik de verhalen lees die bij de gezichten op de foto’s hoor, besef ik dat ik een stukje geschiedenis gemist heb vroeger: Guerra de Castas, oftewel de grote kastenoorlog die van 1847-1901 heeft geduurd. De foto’s zijn afbeeldingen van kinderen van opstandelingen.

De oorlog kostte het leven van 300.000 mensen. Het ging om Maya’s die in opstand kwamen tegen de blanke elite die hun overheersten en uitbuiten. Op de muur van de tentoonstelling hangt een tekst die indruk op me maakt: “Elk volk en elke stam voelt zich uitverkoren, vaak geïnspireerd door een goddelijk wezen of een religieuze invloed. En omdat ze zich uitverkoren voelen en speciaal, denken ze dat ze anders zijn dan de andere groepen. En daarom ontstaat er strijd. In die strijd vertonen ze het beeld van de god of religie die ze aanhangen, vaak uitvergroot, om de ander te imponeren”

Als ik tussen de ruïnes loop, die vaak niet meer zijn dan overgebleven funderingen, probeer ik me voor te stellen hoe een trots volk hier gewoond heeft en hoe dat is geweest. Als ik daar gewoond had, had ik dan in veren gehandeld, of cacao? Of was ik net als nu ook al een beetje een dwarsligger geweest?

Hagedissen kruisen mijn pad, die zijn gek op oude ruïnes is mij verteld. Er zijn er heel veel. Verder is er geen levende ziel te vinden hier. Het is heerlijk rustig, en dat midden in de toeristische drukte buiten het hek. Buiten het museum zoek ik een plek op om wat te drinken. Het is warm. Ik schat dat het rond de 30 graden is, blauwe lucht, hier en daar een wolk. Tijd om de bus naar huis te nemen.

 

Geschreven door: Redactie

Abonneer op onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook